zondag 22 december 2013

Sterker worden door een juiste betrokkenheid tot wat er in je omgaat

Als iemand gaat focussen is het belangrijk dat hij een goede verhouding komt te staan tot wat er in hem om gaat. Een goede betrokkenheid versterkt het observerend ego: het merkt op wat er speelt vanbinnen, het zorgt ervoor dat het op een juiste manier wordt benaderd met vriendelijkheid en met benieuwdheid. Je word groter dan je problemen.

Sterke en scherpe emoties kunnen op juiste manier benaderd worden. Dat helpt het proces van verwerken. Iemand wordt groter dan dat wat hem kleinhoudt.  Wat remt en kleinhoudt is niet meer nodig, want focussen zorgt voor een gevoelsnotie die de oorzaak hiervan opent. Wie opmerkt kan onderzoeken; wie kan benieuwd zijn, kan de gedachten en emoties een plek in het proces geven. Daarbij is taal erg belangrijk. Iets wordt onder woorden gebracht en kan zo ook uit het isolement en onder de mensen gebracht worden.

Focussen geeft de observerende kant van de mens kracht. Ieder mens heeft deze observerende kant! Daar is niets magisch aan. Wie sterk is in het op een betrokken manier observeren schept geen afstandelijkheid of piekergedrag. Betrokken observeren is niet impulsief/reactief en ook  niet niet-reactief/vermijdend. Door betrokken te observeren kan  juist het vermogen ontwikkeld worden tot rustige, benieuwde, accepterende en warme aandacht. En wat er aandacht vraagt komt hierdoor in een voorwaarts en genezend proces.

Wie met dit geestelijk vermogen emotioneel moeilijke ervaringen onder ogen komt, zal hierdoor opluchting ervaren. Tegelijkertijd zijn de condities aanwezig  waarmee er zich een gevoelsnotie kan vormen. De gevoelsnotie heeft het in zich nieuwe mogelijkheden en gedachten te scheppen en het gedrag spontaan te veranderen.
Betrokken zijn staat in focussen voor kalm, benieuwd  en geïnteresseerd zijn. Het stelt iemand in staat om volwassen en gebalanceerd in het leven te staan.

Therapie staat er voor dat mensen deze vorm van betrokkenheid op zichzelf en anderen gaan ontwikkelen of versterken. Het benut de mogelijkheden van de zenuwbanen in het lijf om gevoelsnoties te laten vormen. De cliënt kan deze dan opmerken, benaderen en aflezen qua betekenis. De rol van de therapeut is om de gevoelsnotie te spiegelen en te ondersteunen met suggesties.  

Een goede betrokkenheid zorgt ervoor dat iemand zich niet vereenzelvigd met zijn probleem. Moeilijke emoties vinden op deze manier in het lijf een plek om gevoelsnoties te vormen, Op deze manier vindt er verwerking en hoeven ze niet heftig of te scherp te worden. Goede betrokkenheid weet zichzelf in goede innerlijke verhouding te houden met alle kanten die iemand van zichzelf heeft.

Er is dan geen noodzaak tot  het ontwikkelen van psychosomatische klachten, verslavingen of psychische en relationele klachten.  Je zit niet vast in jezelf. Je kunt wel ruimte ervaren voor de beleving van de ander, hoe verschillend die ook is van je eigen beleving.

Het idee dat er een gevoelsnotie in het lijf zich kan vormen is prachtig! Het menselijk organisme kan bij een probleem een richting aanvoelen waarin het probleem verder komt. Goede betrokkenheid is als een warme accepterende ouder die in zijn liefde weet heeft van wat er echt nodig is. Da’s meer dan alleen maar een neutrale observerende toon. Het toont passie en compassie. Het toont een bijzonder vorm van inleving, waarin vijandschap niet bestaat en levenskracht  hervonden en vernieuwd wordt. Dat werkt genezend naar alle kanten.

Misschien helpt de volgende oefening je:
  • Ga ergens rustig zitten, richt je aandacht op het middelpunt van je lijf, op de plek waar je meestal je lijfelijke sensaties ervaart en vraag jezelf: ‘Hoe is het met mij vandaag? Gaat alles van een leien dak? Voel ik mij uitstekend?’
  •  Let op het gevoel in en bij adem. Wat ervaar je als stress in je situatie?
  • Let op en wacht, welk gevoel komt er uit dat middelpunt van je lifj? Ga na op welk probleem of situatie dit gevoel slaat, duik er niet in, maar zet het denkbeeldig van je af, op de grond, of projecteer het vóór je op een denkbeeldig scherm: dít probleem, met dat typische gevoel en dát probleem met dit typische gevoel.
  • Het gaat erom dat je je problemen, zorgen, vragen, kortom alles wat je bezighoudt even gaat signaleren, om het te ordenen, het denkbeeldig vóór je neer te zetten, zodat het je even niet te veel in beslag neemt.
  • Vraag jezelf: ‘Hoe voel ik mij behalve dit probleem, is alles verder OK?’ Wacht tot het volgende probleem-gevoel opkomt. Zet ook dat denkbeeldig van je af, bijvoorbeeld op de grond of de tafel voor je. En ga zo rustig verder, tot je alles ‘uitgepakt’ hebt en je van binnen ruimte gaat ervaren.
  • Zet de problemen of situaties op de grond of projecteer ze op een denkbeeldig scherm; zo dichtbij of veraf dat je je vrij en los er van kan voelen, dat je het nog net kan aanraken of zien als je wilt. Na elke stap neem je een goede diepe ademhaling om de ruimte als het ware te versterken.
  • Tenslotte vraag je jezelf ook, dat vage, vervelende achtergrondgevoel dat er altijd is, om dat ook ergens op de grond te zetten, van je af te schuiven.
  • Je kunt je problemen en situaties loslaten. Je bent meer dan je problemen.
  • Het volgende is waarheid: Je bènt geen probleem. Je hèbt een probleem.
  • Heb je veel last van lijfelijke pijn, stel je dan even de vraag: ‘Steekt die specifieke pijn vaker de kop op?’ Benoem de situatie, maar duik er niet in, zet het voor je neer op de grond. Herken de stoorzender, maar laat je er niet verder door storen.
  • De eerste stap uit zich al in een eerste verandering - een opluchting, een gevoel van ‘nu zie ik het even anders...’ je mag je gerust prettig voelen, even los van je problemen en je stress-situaties. Sommigen ervaren in hun ziel zelfs een moment met prachtige beelden. 



Geen opmerkingen:

Een reactie posten